|
|
Mauritanië
klik op de foto's voor een vergroting |
|
Met de nodige voorraad aan diesel, water, groenten, fruit en brood en met goede afspraken over het
reistempo vertrekken wij: Danielle en Georges in hun 20 jaar oude Toyota Landcruiser, Dave en Rachel
uit Australië in een 10 jaar oude Land Rover 110 en Pieter en Ida in de Land Rover PAMPUS.
(voor een
update van de brandstofprijzen zie: sahara-overland.com/
De grens wordt gemarkeerd door een huisje bestaande uit opeengestapelde stenen met een
dak van oude spoorbiezen. In de schaduw van dit huisje zitten enkele mannen in het zand. |
|
![]() Haren wassen..... |
|
Een groot verschil met de vele tochten die we maakten in de Algerijnse Sahara is dat hier nauwelijks
herkenningspunten dan wel balises te ontdekken zijn. Het volgen van een gids en niet zelf de
koers bepalen, is dan ook voor ons een geheel nieuwe ervaring met gemengde gevoelens. Maar al snel
merken wij dat we bij Amar in goede handen zijn. Hij kent niet alleen het terrein maar weet ook wat de
auto's kunnen. En als dan een van de chauffeurs een foutje maakt en zich vast rijdt, geeft hij rustig
aanwijzingen of springt zelf achter het stuur en manoeuvreert
met souplesse de auto weer los. Het landschap verandert ieder uur en met de ondergaande zon rijden over duinen met verschillende kleuren zand geeft soms een heel vervreemdend effect. Rond half zeven bereiken we onze slaapplek, een duin in de nabijheid van een klein dorp dat ligt op het kruispunt van vele pistes die slechts herkenbaar zijn voor een geoefend oog. Met een tevreden gevoel over de dag vallen we in slaap. De volgende dag is het feest, vele kilometers leggen we af over zanderige vlakten met een behoorlijke snelheid en een zingend geluid van de banden waarvan de druk terug gebracht is tot de helft. Zonder iets te merken, rijden we in het Nationaal park Banc d' Arguin. Als wij 's middags de Atlantische oceaan bereiken zijn we in het hart van het beroemde vogelreservaat. De oceaan die met een donkergroene kleur fel afsteekt tegen de bleke duinen nodigt ons uit voor een verfrissend bad en na een gezamenlijke lunch rijden we naar Nouâmghâr, het dorp waar we de volgende middag de strandrit zullen starten naar Nouakchott. De strandrit: voor Pieter een spannende uitdaging, voor mij een nachtmerrie. De eerste 10 kilometers zit ik doodstil naast Pieter met mijn ogen dicht en knijp ik de auto fijn. Ik hoor en voel het opspattende zeewater en hoop dat ik het zal overleven. Naarmate de zee afneemt, het strand breder wordt en de auto minder schuin hangt, neemt mijn vertrouwen in de auto en de chauffeur toe en na veertig kilometer kan ik er zelfs van genieten. Minder plezier beleven we aan de afrit van het strand in Nouakchott. In een onoverzichtelijke mensenmassa van vissers, visverkopers en boten die op het strand geduwd worden, probeert Pieter de auto op het strand te manoeuvreren. Als we later de stad binnenrijden, is de overgang te groot: van uitgestrekte woestijnvlakten waar mensen nog nauwelijks sporen hebben achtergelaten, tot een stad waarin mensen leven temidden van hun eigen afval. Waypoint Nouâmghâr: 19° 20. 027' N - 16° 30. 630' W Waypoint Nouakchott camping La rose: 18° 06. 343' N - 15° 58. 853' W
|