|
|
Marokko |
| Datum van aankomst: 11- 10 - 2002 | Datum van vertrek: 4 - 11 - 2002 | totaal gereden: 6034 km | ||||
| De route in Marokko: Tanger - Rabat - Casablanca - Boujad - Midelt - Er Rachidia - Tinerhir - Gorges du Todra/Dadès - Boumalne - Ouarzazate - Marrakech - Essaouira - Tiznit - Guelmime - Tan Tan | ||||||
|
Essaouira, zondag 27 oktober 2002
Dit vraagt om uitleg. Aangekomen in Marrakech, na een verblijf van enkele dagen in de Hoge Atlas, vroeg onze geest en vooral ons lichaam om rust en verwerking van de indrukken. In het Atlas gebergte hebben wij de auto met volle bepakking op de proef gesteld door een route te nemen die een verbinding vormt tussen de Gorges du Todra en de Gorges du Dades. Het een en ander speelt zich af op een hoogte van 2000 meter en in onze beleving zijn de afgronden waarlangs wij via een stenig, smal pad ons begaven, de helft hiervan. Over de 60 kilometer lange tocht deden wij 6 uur. Ondanks de vele kilometers die wij in Afrika over onbegaanbare paden hebben gereden en het feit dat wij toch al jaren lid zijn van het Dutch Land Rover Register zijn wij niet van die fanatieke terreinrijders. Aan het begin van zo'n tocht door dit continent moet men kunnen vertrouwen op het materiaal maar vooral op het team. Welnu, hier deed zich een gelegenheid voor om ons op de proef te stellen. Ik citeer Ida's dagboek: "via Tamtatouch - Msemrir - Boulmalne de Dades, spannend en mooi - we dachten dat deze piste makkelijker zou zijn dan onze Agoudal-avonturen die wiij een paar jaar geleden beleefden met onze vrienden Arie en Rob, maar niets is minder waar. Alles hebben we gehad: het scheef hangen boven een afgrond, trappen lopen, stenen/rotsen en dan weer achteruit omdat we het scheef hangen toch niet vertrouwden. Maar al bij al hebben we het gehaald en ik was diep onder de indruk van wat deze auto kan. In 'de eerste versnelling - lage gearing' pakt hij hellingen en rotspartijen - ongelofelijk. Alleen wel heel langzaam maar het is een gek idee, terwijl je niets doet, dat de auto zich over een rotspartij ploegt'. Achteraf vonden wij het een goed idee dat we deze proef genomen hebben omdat het zich afspeelde in een prachtige omgeving, ons vertrouwen in de auto en de opbouw is bevestigd en vooral dat wij op elkaar kunnen vertrouwen. "Ida, als ik nu met mijn rechtervoorwiel op die steen kom, kan jij dan zien hoe ver ik nog van de afgrond ben?" Deze en soortgelijke zinnen werden uitgesproken, terwijl er geen ander geluid was dan de keien die onder de banden wegsprongen en het vertrouwde geluid van de Land Rover Td5. Wij zullen ons op deze reis nog vaker op moeilijke wegen begeven maar nu weten we weer iets meer. Aangekomen in het voor ons bekende plaatsje Boumalne de Dades, waar 's zomers veel landgenoten van Marokkaanse afkomst wonen, troffen wij in de herberg 'Le Soleil Bleu' onze goede Fatima aan. Zij zwaait de scepter in de keuken van een klein hotelletje met kampeermogelijkheid en als Fatima zegt dat alles "wachaid" is ( Tascheleit, taal van de Sleuch) dan is voor ons duidelijk dat wij weer even welkom zijn als vroeger. De Marokko-kenners onder ons weten dat de route van Errachidia naar Ouarzazate van een ongekende schoonheid is vooral wat betreft de bouwkunst. De Ksour (enkelvoud Ksar) langs deze en andere wegen aan de rand van de Sahara zijn Berbervestingen uit een lang en rijk verleden. Deze stam- en familieburchten zijn gewoonlijk met een muur omringd en bieden plaats aan verscheidene huizen, voorraadschuren, ook wel agadir of tighremt genoemd en meestal vier hoektorens. Nu er vrede is in dit deel van het land en de onderlinge rivaliteit van de stammen is verminderd, hebben de vestingachtige ksour hun oorspronkelijke functie verloren en raken in verval door de weinige maar soms heftige regenval die de lemen bouwwerken doen veranderen in vormloze hopen modder. Tegenwoordig neemt men helaas maar zelden de tijd om de schade te herstellen en als dat gebeurt, wordt de ornamentele versiering verwaarloosd. Het is goed om te zien dat enkele Marokkaanse migranten zich het lot aantrekken van dit cultureel erfgoed en zich bekommeren om de wederopbouw en herstel van deze unieke bouwwerken.
cri du cur Nu we weer eens ruim 3000 km gereden hebben in een land dat ons al 25 jaar bezighoudt, moet ons van het hart dat er nog steeds politici en beleidmakers bestaan die het presteren om over "de Marokkanen" te spreken. Dit is een ontkenning van de culturele en historische diversiteit die deze natie rijk is, maar vooral van het verschil in de sociaal-economische positie van de bewoners in dit land. De Franssprekende Marokkaanse vrouwen die boodschappen doen in de luxe Hypermarché Marjane en de bedelende kinderen van de nomaden in de Hoge Atlas hebben niets met elkaar gemeen en weten nauwelijks van het bestaan van elkaar. Dé Marokkanen bestaan niet en hebben nooit bestaan. |
||||||
| Top van de pagina |