| De geschiedenis: |
- In 1960 werd Tsjaad onafhankelijk van
Frankrijk, met uitzondering van het noordelijk deel dat tot 1964 onder
Frans militair beheer bleef.
- Vanaf de onafhankelijkheid tot de dag
van vandaag is het land het toonbeeld van politieke onrust als gevolg
van elkaar en de elkaar afwisselende regeringen bestrijdende
politiek-militaire bewegingen. Een constante factor daarin zijn de
tegenstellingen en conflictueuze relaties tussen de Arabische, van de
veeteelt levende, moslimbevolking in het arme, woestijnachtige Noorden
en de christelijk-animistische landbouwers in het relatief welvarende
Zuiden. Daarnaast hebben in deze periode Frankrijk en Libië veel
invloed gehad op het verloop van de geschiedenis en de militaire
strijd.
- De geschiedenis van Tsjaad van de afgelopen
veertig jaren kan ruwweg in vier periodes onderverdeeld worden op basis
van de aan het bewind zijnde presidenten. Waarbij niet politieke
verschillen maar eerder militaire macht en steun van Libië dan wel
Frankrijk bepaalde wie er aan de macht was of kwam.
- Van 1960 tot 1975 was François Tombalbaye,
leider van de Parti Progressiste Tchadien (PPT), president. Hij was
afkomstig uit het Zuiden. In 1962 verbood hij alle politieke partijen
behalve de PPT, hetgeen op grote weerstand stuitte bij politiek
invloedrijke personen in het Noorden. De hele periode van zijn bewind had
hij te kampen met militaire op - en tegenstand in het Noorden van het
land. In 1965 brak een ware rebellie tegen hem uit. Belangrijk in die
strijd was de, in 1966 in het Noorden opgerichte, politieke partij
FROLINAT (Front de libération nationale du Tchad), met de militaire tak
FAN (Forces Armdes du Nord) met Hissène Habré. In 1968 intervenieerde
Frankrijk aan de kant van de regering, terwijl Libië actief de FAN
ondersteunde. De spanningen tussen Tsjaad en Libië liepen hoog op toen in
1973 Libië de "Aozou strip" in het Noorden innam.
- In 1975 kwam Tombalbaye om bij een
staatsgreep.
- De periode 1975-1982 met eerst Malloum (uit
het Noorden) en daarna Kamougue (Zuiden) als president staat bekend als de
meest bloedige in de geschiedenis van Tsjaad. Militaire groepen met
wisselende coalities (Habré soms samen met Malloum tegen de Libiërs en
dan weer los van Malloum gesteund door de Libiërs) en wisselende
voorkeuren bij Frankrijk bestreden elkaar continue.
- Van 1982 tot 1990 was Hissène Habré aan
de macht. Een nationale verzoeningspoging met zuiderlingen op belangrijke
posten voorkwam niet dat de onlusten opnieuw uitbraken. M.n. het Noorden
waar Libië nog steeds aanspraak maakte op de Aozou strip en rebellerende
militaire- politieke groepen bleef steunen, werd geteisterd door geweld.
Het bewind van Habré kwam door een staatsgreep in 1990 aan een eind.
- De, ook uit het Noorden afkomstige en
voormalige opperbevelhebber van Habré's militaire eenheid, Idriss Deby
met zijn Mouvement Patriotique du Salut (MPS), gesteund door Soedan
en (waarschijnlijk) Libië, kwam aan de macht. Hij kondigde democratische
hervormingen aan. In 1992 werd de constitutie herzien. In 1996 en 1997
vonden presidentiële- en parlementsverkiezingen plaats, waarbij Deby en
de MPS de meerderheid van stemmen behaalden, en Deby de democratisch
gekozen president werd. Ook onder Deby bleef de toestand in Tsjaad
onrustig, zeker tijdens de eerste jaren van zijn bewind, waarin
bijvoorbeeld herhaaldelijk sprake was van standrechterlijke executies van
tegenstanders.
|
- Toch slaagde hij erin vanaf 1992 een periode van relatieve
rust in te laten gaan. Hij bereikte dit o.m. door vredesovereenkomsten met
verschillende politiek-militaire tegenstanders af te sluiten, de relaties
met Libië te verbeteren en binnen zijn regering leden van de oppositie op
te nemen.
zie ook: Nieuws Tsjaad
|
|

President Idriss DEBY
-
Het uur van ex-dictator Habré is geslagen
-

BRUSSEL vrijdag 30 - 09 - 2005
Hissène Habré, de
voormalige dictator van het Afrikaanse land Tsjaad, zal vrijwel
zeker door Senegal uitgeleverd worden aan België, ook al kan de
procedure maanden aanslepen.
|
| Tsjaad |
Geografie |
Top van de
pagina |
| Oppervlakte: |
1.284.000
km² (38 x Nederland) |
| Landsgrenzen: |
totaal:
5.968 km; met Kameroen 1.094 km, Centraal Afrikaanse Republiek 1.197 km,
Libië 1.055 km, Niger 1.175 km, Nigeria 87 km, Soedan 1.360 km |
| Klimaat: |
Tropisch
in het zuiden, woestijn in het noorden |
| Hoogste punt: |
Emi Koussi
3.415 m |
| Natuurlijke
hulpbronnen: |
Olie, 225.000
barrels per dag |
| Land gebruik: |
landbouwgrond: 3%
permanent landbouwgrond: 0% permanent weideland: 36% bos: 26%
anders: 35% |
| Geïrrigeerd
land: |
140 km²
in 1993 |
| Natuur rampen: |
Heet,
droog, terugkerende periodes van droogte, sprinkhanenplagen. |
| Milieuproblemen: |
Een
groot probleem in Tsjaad is dat er onvoldoende drinkwater beschikbaar is.
Daarnaast draagt een verkeerde verwerking van afval in de rurale gebieden
bij aan bodem- en watervervuiling en rukt de woestijn op. Verder is te
noemen:overbegrazing; bodem erosie; ontbossing. |
| Extra probleem: |
Tsjaad
is omsloten door land. Het Tsjaadmeer is een van de belangrijkste
waterreservoirs van de Sahel maar droog ernstig op. |
| Tsjaad |
De
bevolking |
Top van de
pagina |
| Bevolkingsaantal: |
9,9
miljoen (geschat juli 2007) |
| Bevolkingsdichtheid:: |
5
inwoners per km² |
| Leeftijdsopbouw: |
0-14
jaar: 47.73% - 15-64 jaar: 49.46% - 65 jaar en ouder: 2.81% in
2001 |
| Bevolkingsgroei: |
2.32%
geschat in 2007 |
| kindersterfte: |
- 95.06 doden op 1000 levend geborenen
gegevens van 2001-
In vergelijk met NL: 4,37
|
| Kinderen
tot 5 jaar met ondergewicht: |
39% 1998 |
| Levensverwachting: |
- totaal van de bevolking:
47.2
jaar gegevens van 2007 Mannen: 46.17
jaar - vrouwen: 48.27 jaar
- In vergelijk met NL = 78,43 jaar
|
| Vruchtbaarheidcijfer: |
5.56 kinderen van een vrouw - gegevens van
2007 |
| Verspreiding van
AIDS bij volwassenen: |
- aantal mensen met AIDS
200.00 gegevens van 2003 Aantal AIDS doden:
18.000 in 2003
|
| Ethnisch groepen: |
Moslims,
gewoonlijk wordt daar "afkomstig uit het noorden" of "gorane"
mee bedoeld: Arabieren, Toubou, Hadjerai, Fulbe, Kotoko, Kanembou,
Baguirmi, Boulala, Zaghawa, en Maba); Niet-Moslims, gewoonlijk wordt daar
"afkomstig uit het zuiden" Sara, Ngambaye, Mbaye, Goulaye,
Moundang, Moussei, Massa inclusief niet religieuzen 150.000 waaronder
1.000 Fransen
|
| Religies: |
Moslim 50%,
Christelijk 25 % inheemse religies 25% |
| Talen: |
De
officiële taal is Frans en Arabisch, Sara en Sango in het zuiden;
er zijn meer dan 100 verschillende spreektalen en dialecten |
| Alfabetisme: |
definitie:
Lezen en schrijven boven de leeftijd van 15 jaar
totaal van de bevolking: 47,5% - mannen: 56,1% -
vrouwen: 39,3%, in 2003 |
| Tsjaad |
De
overheid |
Top van de
pagina |
| Naam van het
land: |
Republique du Tchad
- korte vorm: Tchad |
| Type overheid: |
republiek |
| Hoofdstad: |
N'Djamena |
| Administratieve
indeling: |
14
prefectures:
Batha, Biltine, Borkou-Ennedi-Tibesti,
Chari-Baguirmi, Guera, Kanem, Lac, Logone Occidental, Logone Oriental,
Mayo-Kebbi, Moyen-Chari, Ouaddai, Salamat, Tandjile |
| Onafhankelijk
sinds: |
11
augustus 1960 van Frankrijk |
| Nationale
feestdag: |
OnafhankeIijkheidsdag, 11 Augustus |
| Grondwet: |
Aangenomen
door een nationaal referendum op 31 maart 1995 |
| Stemrecht: |
Vanaf 18
jaar |
| Uitvoerende
macht: |
- Staatshoofd: President Lt. Gen.
Idriss DEBY
(sinds 4 december 1990)
- Premier:
Nagoum YAMASSOUM
sinds
13 december 1999
- Kabinet: aangewezen door de
president op voordracht van de eerste minister.
- verkiezingen: De
president wordt gekozen voor een termijn van vijf jaar; de laatste
verkiezingen werden gehouden op 20 mei 2001 en de volgende staan gepland
in 2006
- Grondwetswijziging
in Tsjaad
Het
parlement in Tsjaad is akkoord gegaan met een grondwetswijziging die
het mogelijk maakt dat de huidige president Idriss Deby herkozen kan
worden. Deby is momenteel bezig aan zijn tweede termijn van vijf jaar.
Volgens de wet moet hij in 2006 plaatsmaken voor een opvolger. De
wetswijziging maakt het mogelijk dat de president in de toekomst zo
vaak herkozen kan worden als gewenst. President Deby’s partij heeft
een overgrote meerderheid in het parlement.De oppositie boycotte de
stemming en riep op tot een staking. Een BBC correspondent meldde dat
aan de stakingsoproep breed gevolg is gegeven en dat de
straten van de hoofdstad Ndjamena waren uitgestorven. Desalniettemin
is de grondwetswijziging aangenomen. Deby kwam in 1991 aan de macht
door een staatsgreep, vervolgens introduceerde hij een
meerpartijensysteem.
|
- Bron:
BBCNews.com.
|
| Wetgevende
macht: |
- Parlement:
Nationale Vergadering (één kamer) bestaande uit 125 direct gekozen leden
voor een periode van vier jaar.
- Van de 125 zetels in de Nationale
Vergadering worden er momenteel 65 ingenomen door de MPS. De meerderheid
van de oppositie in het parlement is op de een of andere manier verbonden
met de MPS.
|
| Binnenlandse
politiek: |
Met
het aantreden van Deby in 1990 werden democratische hervormingen en de
invoering van een meerpartijensysteem aangekondigd. In 1992 werd een
nieuwe constitutie aangenomen. Een overgangsregering trad aan om het
proces tot democratisering vorm te geven. Parlements- en
presidentsverkiezingen vonden plaats in 1996 en 1997. De, eveneens
aangekondigde, lokale verkiezingen laten nog steeds op zich wachten. De
politieke onrust nam, zeker in de beginperiode van het Deby-bewind, niet
af. De spanningen tussen Noorden en Zuiden en de conflicten tussen
regering en rebellen (die zich inmiddels hadden verenigd in de Mouvement
pour la Démocratie et le Dévelopment), en andere oppositiepartijen zoals
het Comité de Sursaut National pour la Paix et la Démocratie (CSNPD) in
het Zuiden, bleven bestaan. Toch wist Deby vanaf 1992 langzamerhand meer
rust in het land te brengen, m.n. door vredesovereenkomsten af te sluiten
met een aantal rebellengroeperingen. In 1994 werd een National
Reconciliation Council opgericht om de onderhandelingen met verschillende
rebellenbewegingen en andere oppositiepartijen te voeren.In maart 1997
kwam het tot een verzoening en zegden de rebellenbewegingen toe zich tot
politieke partij om te vormen en de wapens neer te leggen en in te
leveren. De regering beloofde de militaire rebellen op te nemen in het
regeringsleger en anderen een plek te gunnen in het overheidsapparaat. De
implementatie van de afspraken zijn niet succesvol verlopen. Vooral gebrek
aan financiële middelen bij de regering en politieke wil bij beide
partijen zijn daarvan de oorzaak. Als gevolg van onvrede bij de
ex-rebellen over het niet nakomen van de beloftes door de regering, braken
in oktober 1997 gevechten uit in Moundou in het Zuiden tussen
regeringstroepen en de militaire rebellenbeweging de FARF (op een
federatie aansturende beweging in het Zuiden). De onlusten bereikten in
maart/april 1998 een hoogtepunt met veel doden aan de kant van de rebellen
en de burgerbevolking. Momenteel is het Zuiden weer (relatief) rustig.
Deby stuurt,sinds begin 1999, zijn troepen naar het Noorden waar in de
Tibesti regio een militaire oppositionele groep de regering bestrijd en in
juni 1999 aankondigde voor het eind van het jaar voor de poorten van
N'Djamena te zullen staan. Waarin men overigens niet slaagde. De regering
ontkent dat het om een omvangrijke opstand gaat.
Naast het afsluiten van
vredesovereenkomsten met rebellen tracht Deby de rust in het land te
bewerkstelligen door leden van de oppositie in zijn regering op te nemen
(de premier komt uit het Zuiden) en bewindslieden met een zekere regelmaat
te vervangen zodat geen machtsposities opgebouwd kunnen worden. O.a. als
gevolg van de vele wisselingen in de samenstelling van de regering is het
beleid van de overheid niet daadkrachtig te noemen. Ook de oppositie is
slechts beperkt actief. Veel in Tsjaad wordt bepaald door de president en
zijn naaste medewerkers. De ontwikkeling van het land stagneert al vele
jaren. Wel is onder druk van het IMF en de Wereld Bank de laatste jaren
het bestuur van het land verbeterd en is momenteel de hoop op vooruitgang
gevestigd op een oliewinningsproject in het Zuiden van Tsjaad. De
exploitatie is in handen van een olieconsortium bestaande uit Exxon, Shell
en Elf. De WB heeft begin juni 2000 besloten een lening te verstrekken aan
de regering van Tsjaad voor haar aandeel in de oliepijpleiding naar de
kust van Kameroen. De deelname van de WB aan dit project heeft
internationaal mensenrechten- en milieuorganisaties en ook parlementen in
beroering gebracht. Men eiste dat het olieproject zou voldoen aan de
criteria en richtlijnen die de WB voor deelname in dit soort projecten
geformuleerd heeft. Mede onder druk van de WB heeft de overheid van Tsjaad
een plan opgesteld voor aanwending van de olie-inkomsten voor
armoedebestrijding. Gezien het feit dat de olie zich alleen in het Zuiden
van het land bevindt, speelt bij de discussie rond dit project de
gespannen verhouding tussen het Noorden en Zuiden eveneens een rol. |
|
| Buitenlandse politiek:
|
Libië
heeft altijd een belangrijke politieke rol gespeeld in Tsjaad. In 1973
annexeerde Libië de Aozou strook in Noord Tsjaad op basis van een
niet-geratificeerd verdrag ondertekend door Frankrijk en Italië in 1935.
Militaire troepen werden in Tsjaad gestationeerd. Dit verslechterde de
relaties tussen Tsjaad en Libië. Echte verbetering kwam pas in 1994 toen
de International Court of Justice (ICJ) in het voordeel van Tsjaad
besliste over het eigendom van de Aozou strip en Libië zijn militairen
terug trok uit de regio. De relaties met Libië zijn de laatste jaren
zelfs zeer goed te noemen. Presidenten en andere bewindslieden van beide
landen bezoeken elkaar met toenemende frequentie. De diplomatieke relaties
zijn in 1998 definitief hersteld.
- Ook de invloed van Frankrijk is na de
onafhankelijkheid groot gebleven. Hoewel de formele
verdedigingsovereenkomst tussen Frankrijk en Tsjaad in 1975 afliep,
zijn Franse troepen tot op heden aanwezig in Tsjaad. Redenen daartoe
zijn de interne instabiliteit in het land en de invloed van Libië.
Begin 1998 besloot Frankrijk haar militaire aanwezigheid in Afrika te
reorganiseren en terug te brengen. De Franse militaire aanwezigheid in
Tsjaad bleef echter overeind en werd zelfs versterkt. De politieke
relatie tussen Tsjaad en Frankrijk is gevoelig. Frankrijk keurt
openlijk de schendingen van de mensenrechten in Tsjaad af en is de
laatste jaren van oordeel dat Tsjaad de Franse belangen niet goed
behartigt. Medio 1998 liepen o.a. vanwege de houding van Frankrijk bij
het olieproject in het Zuiden, de spanningen hoog op. Een aantal
belangrijke Franse militairen werd uitgewezen en ook nam President
Deby niet deel aan de Afrikaanse top in Parijs in november 1998.
- De VS is relatief sterk aanwezig in
Tsjaad. Daarbij is de aandacht meer op Libië dan op Tsjaad gericht.
Deby tracht de banden met de VS aan te halen, o.m. om uit de greep van
Frankrijk te komen.
- De betrekkingen met buurlanden Niger en
Nigeria waren nooit optimaal omdat Tsjaad deze landen ervan
beschuldigde oppositiepartijen te steunen. Sinds kort valt verbetering
in die relaties waar te nemen, zeker waar het Nigeria betreft.
- Met de Arabische landen zijn de relaties
goed.
- Tsjaad neemt deel aan de vredesmacht in
de Centraal Afrikaanse Republiek (MINURCA) en stuurde in november 1998
een troepenmacht naar de Democratische Republiek Congo ter
ondersteuning van president Kabila.
|
|
|
| Diplomatieke
vertegenwoordiging van Nederland: |
Drs. B.
von Bartheld (standplaats Abuja, Nigeria) |
- Mensenrechten:
- bron: min. van Buza
-
- zie ook:
- Amnesty International
|
- De mensenrechten situatie in Tsjaad
lijkt in de afgelopen jaren wat verbeterd, maar blijft slecht. Zowel
het regeringsleger als de presidentiële garde en de rebellen schenden
herhaaldelijk de mensenrechten. Standrechtelijke moorden, molesteren
van burgers, willekeurige arrestaties en opsluitingen zonder
aanwijsbaar delict komen regelmatig voor. De veiligheidsdienst lijkt
zich daaraan m.n. schuldig te maken. De rechtsgang verloopt zeer traag
en scheiding van machten bestaat alleen op papier.
- De omstandigheden in de gevangenissen
zijn ronduit slecht. Sanitaire en medische voorzieningen zijn
nauwelijks aanwezig en voor hun voedsel zijn de gevangenen geheel
afhankelijk van familie. De cellen zitten overvol. Aparte ruimtes voor
vrouwen, mannen en minderjarigen bestaan niet. Het Internationale
Comité van het Rode Kruis constateert de laatste tijd enige
verbetering in de behandeling van de gevangenen.
- Er wordt melding gemaakt van gedwongen
arbeid in de landbouw en het leger.
- Vrouwen nemen t.o.v. mannen een
achtergestelde positie in. Deelname aan onderwijs en op de
arbeidsmarkt is bij vrouwen beduidend lager dan bij mannen.
- Kinderarbeid komt veel voor en de
rechten van kinderen krijgen geen specifieke aandacht. De gezondheids-
en onderwijsvoorzieningen zijn in het gehele land, maar zeker op het
platteland, zeer beperkt aanwezig en van slechte kwaliteit. Onder druk
van de Wereld Bank en enkele bilaterale donoren nemen investeringen in de
sociale sectoren momenteel toe.
- De grondwet voorziet in vrijheid van
meningsuiting. Over het algemeen wordt dit recht door de regering
gerespecteerd. Sommige onafhankelijke kranten laten zich zeer kritisch
uit over de hedendaagse politiek. De president grijpt in zodra het
politiek gevoelige onderwerpen betreft. De laatste tijd vooral als het
kritiek op het olieproject in zuidelijk Tsjaad betreft.
|
|
|
| Tsjaad |
Economie |
Top van de
pagina |
| Economie:
|
- Tsjaad is één van de armste landen ter
wereld. De sociale indicatoren zijn slecht.Zo gaat slechts 25% van de
bevolking jonger dan 23 jaar naar school. Niet meer dan een vierde van
de totale bevolking heeft toegang tot schoon water en de
zuigelingenzorg is één van de slechtste in Afrika. In het hele land
zijn Tsjadische 80 artsen werkzaam. De meesten zijn getraind in de
voormalige Sovjet-Unie of Oost Europa.
- De mogelijkheden voor economische groei
zijn structureel perkt door een combinatie van slechte klimatologische
omstandigheden, een zeer gebrekkige infrastructuur, politiek-militaire
conflicten, een slecht bestuur, het landlocked zijn, en een
omvangrijke schuld. Het aandeel van de particuliere sector in het
Bruto Nationaal Product is na de devaluatie van de Franc CFA
aanvankelijk afgenomen, maar wist zich later te herstellen en bij te
dragen tot de economische groei van de laatste jaren. De, als gevolg
van gunstige weersomstandigheden, goede katoenproductie van de
afgelopen jaren was mede verantwoordelijk voor deze economische groei.
- De buitenlandse handelsbalans heeft door
de tijd heen steeds een tekort vertoond, te wijten aan lage
binnenlandse productie, hoge transportkosten en omvangrijke
voedselimporten.
- De economie is sterk afhankelijk van
hulp van Frankrijk, de Verenigde Staten, de Wereldbank, het
International Monetair Fonds (IMF), de EU (o.a. verbetering van de
infrastructuur) en van Europese landen als Duitsland en Zwitserland en
de OPEC landen. Deze hulp wordt onder andere gebruikt voor verbetering
van de overheidsdiensten. Vanaf het midden van de jaren tachtig is
getracht het tekort op het staatsbudget terug te brengen. In 1994 is
een structureel aanpassingsprogramma geïntroduceerd. Pas in 1998 was
de overheid in staat het programma naar tevredenheid van het IMF uit
te voeren. Reductie van het omvangrijke leger is onderdeel van dit
programma. De realisering daarvan verloopt moeizaam door het politiek
fragiele klimaat.
- Er zijn economisch grote regionale
verschillen in Tsjaad. De noordelijke regio's zijn zeer dunbevolkt. Er
is nauwelijks sprake van enige formele economische activiteit Het
Zuiden daarentegen is veel dichter bevolkt en de katoenproductie
verschaft er aan een groot deel van de bevolking inkomen. De overheid
richt haar aandacht momenteel vooral op het Zuiden van het land i.v.m.
het Doba Basin- olie project. Een consortium van oliemaatschappijen (Esso,
Shell en Elf) bereidt een oliewinningproject in het Zuiden van Tsjaad
voor met een ruim 1000 km lange oliepijpleiding naar de kust van
Kameroen. Om hun aandeel in het pijpleidingproject te bekostigen,
hebben de overheden van Tsjaad en Kameroen de Wereldbank om een lening
verzocht. Zie ook onder Binnenlandse Politiek. In 2004 in Tsjaad
begonnen met het exporteren van ruwe olie.
|
|
|
| Bruto Nationaal
Product: |
$ 8,1
miljard in 2000 |
| Economische Groei: |
1,3%
(2006) |
| BNP per hoofd van
de bevolking: |
$ 1,000
in 2000 |
| Bevolking onder
de armoedegrens: |
64% in
1995 |
| Inflatie van de consumptieartikelen: |
3% in
2000 |
| Arbeidskrachten
per sector: |
Landbouw
en visserij 83%, industrie (4%),
diensten (13%) |
| Budget: |
inkomsten: $
198 miljoen, inclusief $146 miljoen buitenlandsbronnen.
uitgaven: $218 miljoen, inclusief kapitaal uitgaven van
$146 miljoen in 1998 |
| Industrie: |
Bier,
zeep, katoen, vleesverwerking, sigaretten, constructiemateriaal |
| Groeisector: |
Olie-industrie |
| Elektriciteitsproductie: |
90
miljoen kWh in 1999 |
| Elektriciteitsconsumptie: |
83,7
miljoen kWh in 1999 |
| Landbouw
producten: |
katoen,
pinda's, millet, sorghum, cassava (tapioca), rijst; koeien, schapen,
geiten, kamelen. |
| Export: |
$ 172
miljoen in 2000 |
| Exports -
goederen: |
Katoen,
vee, textiel |
| Export -
partners: |
Portugal 38%,
Duitsland 12%,
Thailand, Costa Rica, Zuid Afrika, Frankrijk |
| Import: |
$ 223
miljoen in 2000 |
| Importgoederen: |
consumptie
goederen, primaire materialen, machines, auto's en onderdelen,
olieproducten. |
| Import -
partners: |
Frankrijk 40%,
Kameroen 13%,
Nigeria 12%, India 5% in 1999 |
| Buitenlandse
schuld: |
$ 1
miljard in 1999 |
| Economische hulp: |
$
238.3 miljoen in 1995 |
| Geld: |
Frank
CFA - een euro is 656
frank CFA |
| Tsjaad |
Diversen |
Top van de
pagina |
| Internet
landencode: |
.td |
| Internet
providers: |
1 in
2000 |
| Internet
gebruikers: |
1.000 in
2000 |
| Wegen: |
totaal: 33.400
km; geasfalteerd: 1267 km; ongeasfalteerd: 32.133
km in '98 |