 |

Ton van der Lee:
bezoek aan een marabout |
Een maand geleden besloot ik een marabout te
raadplegen. Moussa Kanta, een grote, krachtige man met een korte grijze
baard, staat bekend als een van de beste marabouts van Djenné. Hij
wachtte me op in het huis waar zijn familie al generatieslang woont. Ik
kreeg een glaasje sterke, mierzoete thee voorgezet, en nadat ik het
plichtmatig had leeggeslorpt vroeg hij waar hij me mee kon helpen.
Ik vertelde hem, dat ik regelmatig last had van malaria. Hij knikte,
opende het deksel van een houten kist die hij naast zich had staan, en
haalde er een aantal flessen uit. Ze waren gevuld met troebel vocht,
bruin, geel, en oranje, waarin bladeren, kruiden, en andere, minder goed
thuis te brengen voorwerpen zweefden. Vervolgens zette hij een grote
kalebas voor me neer, schroefde de doppen van een paar van de flessen, en
goot een deel van hun inhoud in de kalebas, waarbij hij zachtjes mompelde,
en af en toe een teken boven het mengsel maakte. Er ontstond een
donkerbruine drab, waaruit een bittere, gronderige geur opsteeg. Daarna
pakte hij een glad houten plankje van het soort, waarop koranleerlingen
hun schrijfoefeningen maken, en haalde uit een binnenzak van zijn wijde
mantel een exemplaar van de koran. Hij bladerde wat heen en weer en knikte
toen. ‘De passage waarin een leerling van de profeet op wonderbaarlijke
wijze wordt genezen,’ zei hij tegen me, terwijl hij me de regels met een
beringde vinger aanwees.
Hij pakte een rieten pen, doopte hem in een inktpot, en kopieerde de tekst
met zwierige letters op het plankje. Hij wachtte even tot de inkt droog
was, en waste de letters toen met wat water weer van het plankje. Het
vocht ving hij zorgvuldig op in de kalebas. ‘Drink dit op,’ zei hij,
‘en de kracht van de tekst zal je genezen.’ Hij goot de inhoud van de
kalebas in een lege fles en stak hem me toe. ‘Ik kan nog veel meer,’
zei hij. ‘Als je verliefd bent, maar de vrouw van je keus ziet je niet
staan, dan schrijf ik de passage uit de koran voor je over, waarin de
vrouw van de farao verliefd wordt op Yousouf, of Jozef, zoals jullie hem
noemen. Je lost de letters op in wat water. Drinkt je geliefde daarvan,
dan zal ze dag en nacht aan je denken.’
Ik bedankte hem, legde een paar bankbiljetten neer, zei dat ik eerst beter
wilde worden, en ging naar huis.
Ton van der Lee is schrijver en filmmaker. Hij woont en
werkt in Djenné, Mali. Bovenstaand fragment is een voorpublicatie uit het
boek De dans van de geesten, dat in oktober zal
verschijnen. In de komende weken zal in AfrikaNieuws nog een aantal
fragmenten uit dit boek worden opgenomen. Klik hier om
de website van Ton van der Lee te bezoeken.
De Dans van de Geesten is uitgekomen op
14 oktober 2005 bij Prometheus
|